Kikker bij Rutmer       kikker

Ik zit op het strand van Texel, het is mooi weer, de zon schijnt. Kikker zit op mijn schouder.

Mijn mond staat wagenwijd open, er ligt één snoepje op mijn tong en er liggen drie snoepjes op de handdoek.
Kikker ligt op het strand in de zon. De kikkers zitten bij mij in de tent, ze zijn ook mee geweest naar Texel.
We eten een broodje, Kikker lust geen brood. We hebben bij MacDonalds gegeten, Kikker mag in het lege doosje van Happy Meal zitten.
Ik heb een stoere zonnebril op. Mem heeft mij ingegraven op het strand.

Mem heeft de letters geschreven met haar vinger.

Wij zitten op een dikke steen.
Samen met beppe Janke bekijk ik foto’s van vroeger. Je moet in een apparaat kijken. Ben ik in de boom geklommen? Nee, mijn heit heeft Kikker en mij in de boom gezet.